Een culinaire verrassing in het bergachtig gebied

Corsica's beroemde kastanjebomen

Op Corsica vind je het grootste kastanjebos ter wereld. De streek waar je ze het meest treft is dan ook vernoemd naar deze boom en draagt de naam Castagniccia. In de middeleeuwen zijn de tamme kastanjes hier aangeplant om ervoor te zorgen dat Corsica zelfvoorzienend kon zijn. Het meel werd gemalen om brood mee te bakken. Het malen van de kastanjes gebeurt nog steeds, maar tegenwoordig worden er beroemde koekjes en zelfs bier van gemaakt. En er zijn nog meer wezens die afhankelijk zijn van deze kastanjebossen!

Het is een warme, klammige dag geweest en ik heb zojuist een flinke klim achter de rug naar de bergtop San Petrone. Zoals wel vaker op Corsica trekt de lucht samen en vormen onweerswolken zich aan de horizon. Het zou ongeveer een uur rijden moeten zijn om terug te keren bij mijn verblijf voor de nacht. Tot mijn grote verbazing rij ik tegen een afzetting aan. Wat schamele borden en linten versperren het smalle bergweggetje, langs de route verzamelen zich lokale bewoners. Na wat gesticuleren en gebroken communicatie begrijp ik dat er binnen enkele minuten een straatrace zal plaatsvinden. Illegaal of niet, de komende uren kan ik niet via deze weg terug. Uitgerekend de enige route die er blijkt te zijn! Keuze is wachten of een flink eind omrijden. Ik kies voor het laatste en sla een schrikbarend steil weggetje in.
Door deze typisch Corsicaanse manier van communiceren rij ik nu het gebied Castagniccia in. De smalle weggetjes worden overschaduwd door hoge bomen met dicht gebladerte. Zover het oog rijkt, zijn de berghellingen bedekt met tamme kastanjebomen. Het is september wat betekent dat de eerste kastanjes al van de bomen vallen. De glanzende noten zitten verpakt in een groene, stekelige bolster. Voor mij ligt de weg ermee bezaaid. De noten zijn eetbaar, in tegenstelling tot de paardenkastanje. Je kunt ze poffen, roosteren, koken of tot meel malen. De bomen zijn honderden jaren geleden neergezet om bewoners van Corsica zelfvoorzienend te maken. Ten slotte woon je hier nog steeds op een eiland, waardoor veel voedsel over zee moet worden aangevoerd. Dat maakte voeding kostbaarder. Er was ruimte genoeg en de boom sloeg goed aan in deze vochtige regio.

“Het malen van de kastanjes gebeurd nog steeds, alleen worden er nu beroemde koekjes en zelfs bier van gemaakt”

Canistrelli en tamme varkens.

Van het kastanjemeel worden de heerlijkste koekjes gebakken, canistrelli genaamd. In elk dorp of gehucht dat ik passeer, vind ik wel een bakker met een etalage vol canistrelli. De rechthoekige koekjes zijn bros en smelten op de tong. Geloof me, na de eerste wil je meteen de hele zak leegeten. Canistrelli is verkrijgbaar in naturel, maar ook smaken als sinaasappel en amandel zijn verrukkelijk. Heb je na een warme dag als deze zin in een koud biertje? Dan kom je al snel het lokale biermerk ‘Pietra’ tegen, zowel in de bar als in de supermarkt. Dit schuimende bier is ook gebrouwen met een basis van Corsicaans kastanjemeel!
“De varkens zijn gehard en gewend aan strenge winters. In de herfst trekken ze naar de dalen, op zoek naar gevallen kastanjes.”

Kastanjes smaken niet alleen goed in koekjes, ook dieren eten ze graag. De populatie wilde varkens op Corsica is zelfs grotendeels afhankelijk van deze noten. Naar schatting leven er meer dan 30.000 van deze ‘porcu nustrale’ op het Franse eiland. De varkens zijn gehard en gewend aan strenge winters. In de herfst trekken ze naar de dalen, op zoek naar gevallen kastanjes. Hier kunnen ze maandelang van leven. Er wordt volop gejaagd op deze wilde varkens, die soms zo eigenwijs zijn dat ze voor je op de weg lopen. Eens trof ik een gezelschap aan dat net een varken hadden geschoten. Het dier werd met een vlijmscherp mes vakkundig ontdaan van de vacht. Na enkele maanden zullen de gedroogde worsten in de winkel hangen. Het is cruciaal om deze populatie onder controle te houden, aangezien het wilde varken op het eiland geen natuurlijke vijanden heeft.

Je zou kunnen zeggen dat de kastanjebomen op Corsica een essentiële rol spelen in het leven van zowel de Corsicanen als de dieren op het eiland. Met die gedachte rij ik dieper Castagniccia in. Drie uur omrijden om weer op locatie te komen was absoluut de moeite waard!